Met rugtas en al
“Ze gooide me vroeger met rugtas en al in de prullenbak”, zei R. tegen me. We hadden het al een tijdje niet meer over haar gehad, maar ineens was ze weer onderwerp van gesprek.
Een maand of twee geleden hadden we ‘t voor het eerst over haar. We zagen haar staan aan de andere kant van het raam van een kroegje in het zuiden des lands. R. en ik zaten binnen. Met een man die zeker tien jaar ouder was en een klein meisje was ze, getuige de ballonnen en zuurstok van epische proporties, net naar de kermis geweest. Ze hielden even stil voor het raam, losse veter of zo, en op mijn vraag wie dat dan was begon R. te oreren. Ze eindigde haar verhaal met een onwrikbaar “en we vinden haar dus niet aardig”.
Een ogenblik later, ze stonden nog steeds voor het raam, begon het grote speculeren. Want wie was die oudere man? Haar vriend of toch haar vader? En dan dat meisje. Zijn dochter, of toch die van haar? Toen we daar niet uitkwamen -het was immers allemaal mogelijk en kon mij bovendien weinig schelen- werd de aandacht op haar werkzame leven gevestigd. Werkte ze nog steeds in die kledingzaak? Ze was altijd al niet zo slim, en ook zo ontzettend lui. En stom bovendien. Eigen schuld dus. Net goed. Het zat R. duidelijk hoog, maar toen het drietal voor het raam verdween verstomde de discussie en ging het weer over koetjes, kalfjes en Limburgse vlaai.
“Ze heeft gewoon een weblog!” – R. zat, licht voorover gebogen en met haar neus bijna tegen het scherm, woest te draaien aan het scrollwieltje van haar muis. Ze slaakte kreten waaruit ik maar moeilijk kon opmaken of ze blij was of verdrietig. Blijkbaar had de confrontatie met haar vroegere nemesis, toen een dag of twee geleden, R. niet meer losgelaten. Via Hyves -God zegene de uitvinding want wat zouden we tegenwoordig zonder deze onuitputtelijke en anonieme bron van inlichtingen moeten- had ze al uitgevonden dat het meisje de dochter was van haar oudere partner.
De ontdekking van dat weblog laat R. niet meer los en sindsdien gaat het dus af en toe even over haar. Als je haar, overigens zeer onderhoudend geschreven, weblog leest dan lijkt het erop dat ze nog best een leuk leven heeft ook. Ze verhaalt er in ieder geval enthousiast over. Ze reist, vermaakt zich uitstekend met de dochters (‘t zijn er dus blijkbaar meer) van haar vriend en werkt inderdaad nog steeds bij die kledingzaak. Waarvoor ze overigens een tijdje naar China mocht, dus ik denk zomaar dat ze niet bij de pashokjes labels staat uit te delen.
Of het niet eens tijd was om haar te vergeven, vroeg ik nog. Om het te laten rusten en haar gewoon haar gelukkige leven te gunnen. Dat het eigenlijk een beetje freaky was om er, we zijn immers ruim 15 jaar verder, nu nog zo mee bezig te zijn. R. was het roerend met me eens. “Maar”, zei ze, “ik blijf wel lezen. Want het moet toch een keer mis gaan…”



ik snap R. wel en ik hou helemaal niet van uitspraken als de volgende, maar laten we het op de uitzondering op de regel houden: het is een vrouwending. nog niet zo lang geleden ben ik “gehyved” door een vriendinnetje van toen ik 14 was. ze heeft destijds de vriendschap op zo’n kwetsende manier beëindigd, dat ik haar verzoekje om hyvesvrienden te worden heb genegeerd. alhoewel, voor haar idee dan. ik kijk wel regelmatig op haar hyvespagina natuurlijk!!
oh… en wat ik dan weer niet snap is de eerste zin van je stukje, maar daarvoor moet je het hele verhaal horen, denk ik.